Hoe je in het leven staat is een ethische kwestie: het draait om de vraag welke handelingen je afkeurt en welke je goedkeurt.
Het is niet lastig te verdedigen dat de mens een ethisch wezen is, een 'dier' dat 'ontworpen' is om zijn lichaam te bedienen: van kruin tot hiel, van logica tot emotie, alle faculteiten zijn aangelegd om succesrijk of gewetensvol te kunnen acteren (dat, althans, volgt uit een tamelijk eenvoudig [evolutionair] betoog). [3]
Het maakt in die zin ook niet zoveel uit of je atheïst of theïst bent of een metafysica van andere gading aanhangt, het is een feit dat elk mens op een bepaalde manier in het leven staat en dat zij al doende haar sporen nalaat. Je kunt onmogelijk niet handelen. Je bent, bijvoorbeeld, door je lijfelijke tegenwoordigheid op aarde altijd in staat om andere mensen schade toe te brengen.
Waarom is dit zo? Wie verklaart ons waarom de werkelijkheid déze inrichting heeft?
Verwacht voor het beantwoorden van de vragen die er werkelijk toe doen geen heil van kunstmatige intelligentie. Tsjetdzjiepiedie is voor de theoloog geen bedreiging.
Kunstmatige intelligentie mag dan -dankzij rekenkracht, niet dankzij vernuft- veel wiskundige en andere technische problemen oplossen, religieuze en ethische kwesties liggen buiten haar bereik. Het is jammer voor de wiskundigen en de schakers, maar anderzijds: we zijn schijnbaar niet op de wereld om wiskunde te bedrijven en schaak te spelen. Een goed mens proberen te zijn is al een opdracht die ons (mij) lastig genoeg valt. Alle taken die kunstmatige intelligentie op zich neemt en kan uitvoeren bewijzen hooguit dat déze taken schijnbaar niet gerekend moeten worden tot de zaken die werkelijk 'zinvol' zijn.
Wiskundige berekeningen uitvoeren en schaakwedstrijden winnen worden vermoedelijk door God, de oude, wijze man met de baard, die ons vanaf de wolken gadeslaat en onze handelingen beoordeelt, niet meegewogen als verdiensten die van ons een goed mens maken.
De woorden van Jezus geven in dit opzicht te denken: de weduwe, zelf niet rijk, gaf relatief veel geld voor de armen (ze was vermoedelijk te dom om wiskundige sommen uit te rekenen: in onze ogen was het een overtollig mens, een nutteloos wezen, dat gelukkig spoedig zal worden geruimd door de natuur). AI is een zegen voor de theologie: steeds maken zulke technische revoluties duidelijk waar het bestaan niet om begonnen is.
Staat er niet in de Bijbel: "eert niet uw Einsteins, uw Gödels en uw Capablanca's, maar de mensen die het (ethisch) goede doen?" (Nou ja, ik kan het niet terugvinden, maar ik meende het ooit ergens te hebben zien staan).
Als we met een theologische (religieuze) blik naar onze eigen omstandigheden kijken, dan beginnen we misschien te beseffen welke kwaliteit(en) ons werkelijk tot mens maakt. Alle gewervelde dieren kunnen logisch denken en vermoedelijk overtreffen machines ooit ons intellect. Maar welke machine overtreft ons ethisch inzicht en welke machine zal ons overtreffen in ethisch handelen? Zolang het machines niet werkelijk deert dat je de stekker uit het stopcontact trekt kúnnen ze niet eens ethisch zijn. (Het lijkt me overigens wel toe dat machines handig kunnen zijn bij het bepalen van ons oordeel: als we begrijpen dat een handeling van ons andere mensen schaadt, dan hebben we de keus om deze handeling na te laten- we kunnen ons dan niet beroepen op 'onwetendheid').
Vanzelfsprekend hebben we wel een metafysisch beginsel nodig dat het belang van ethisch handelen constitueert. Het is echter niet lastig om te begrijpen dat een dergelijk beginsel wel moet bestaan: als we een denkwijze hebben die 'ontworpen' is om effectief te handelen en die ons in staat stelt om de 'waarde' van die handeling te beoordelen, dan is ons verstand -noodzakelijkerwijs- niet geschikt om de werkelijkheid te begrijpen (en ook dat is een inzicht dat door onderzoek wordt bevestigd: naarmate wetenschappers de werkelijkheid verder onderzoeken wordt het beeld van de werkelijkheid in toenemende mate 'ongrijpbaar' en 'tegen-intuïtief'). Zaken die de grondslagen van onze denkwijze te boven gaan, kunnen we niet uitsluiten (probeer het maar eens: je houdt als resultaat dat sommige zaken niet kunnen worden begrepen maar -juist omdat ze niet kunnen worden begrepen- niet kunnen worden geëlimineerd). [1]
Aangezien religieuze metafysische beginselen per definitie nogal vreemd zijn en ongrijpbaar kunnen ze -logisch- niet worden geëlimineerd. Je weet dat zulke zaken onmogelijk niet tot de werkelijkheid kunnen worden gerekend. Met andere woorden: je weet dat God bestaat, ook al is het uitermate lastig om over dit metafysische beginsel te spreken.
Het lijkt mij toe dat we ons met al onze uitvindingen 'in een hoekje geverfd hebben': maar dan wel de theologische religieuze hoek en dat lijkt mij zo'n beroerde uitkomst niet.
Ik zie daarom de uitvinding van ai als een soort vooruitgang. Het brengt ons dichter bij het inzicht dat wij niet het 'wetende' en 'kennende' dier zijn, maar het 'ethische' en 'handelende' dier.[2]
Wees een goed mens, dat is al lastig genoeg. Je vindt deze (en soortgelijke gedachten) terug in alle religies. Wel bitter dan, dat mensen elkaar om strijdige religieuze inzichten af en toe tot bloedens toe op de kop slaan.
-------
[1] De mens schept zich een beeld van de wereld, dat ons door selecte contingente eigenschappen uit diezelfde wereld is ingegeven.
[2] Filosofen herkennen vermoedelijk onmiddellijk in het bovenstaande het Aristoteliaanse ideaal van de integere filosoof, die al zijn tijd gebruikt om zo hoogstaand te handelen dat hij het ideaal van de rechtvaardige mens benadert. De aristoteliaanse 'heer' nu had slaven die de was deden en het land bewerkten: wij hebben machines die het praktische werk voor ons verrichten, tot de wiskundige en andere wetenschappelijke klusjes aan toe, zodat we alle tijd hebben om ons te bekwamen in de leer van het rechtvaardige handelen.
[3] Was het niet Ikhebnogaltamelijkveelgeleden die schreef: de taak van de mens is om mens te zijn?
3 opmerkingen:
Jan-Auke: Staat er niet in de Bijbel: "eert niet uw Einsteins, uw Gödels en uw Capablanca's, maar de mensen die het (ethisch) goede doen?"
Dat geloof ik nou net niet maar omdat je het ook hebt over God die onze handelingen zou beoordelen, bedoel je vast de zaligsprekingen in Mattheüs 5, die behoren tot de Bergrede en die uitspraken worden beschouwd als kern van de christelijke ethiek.
Daar is oa het volgende te vinden is: ''Zalig zijn de armen van geest, want van hen is het Koninkrijk der hemelen'.... (Let wel, er staat: IS het koninkrijk der hemelen... :-))
Als deze uitspraken echter worden opgevat als opdracht om je (men) te bekwamen in de leer van het rechtvaardige handelen, teneinde zoveel mogelijk vrij te zijn van de oordelen van een God in de hemel, dan raad ik beslist aan om de uitleg op de onderstaande site tot je te nemen, dwz serieus in je om te laten gaan.
https://www.bible-expert.app/nl/blog/zaligsprekingen-uitgelegd
Een paar citaten:
'Het woord "zaligheid" komt van het Latijnse beatitudo, dat gelukzaligheid of geluk betekent. Maar de onderliggende Griekse term die Jezus gebruikte is makarios, een woord dat veel meer gewicht draagt dan ons moderne "gelukkig." Makarios werd in de Griekse cultuur gebruikt om de goden te beschrijven, wiens geluk onaantastbaar was omdat het van binnenuit kwam, niet van omstandigheden. Wanneer Jezus het gebruikte, wees hij op een diepe, onwrikbare bloei die bestaat zelfs in tegenspoed.'
'Zalig de armen van geest', betekent geestelijk bankroet, bewust zijn dat je niets te bieden hebt aan God op eigen voorwaarden. Het is het tegenovergestelde van geestelijke zelfgenoegzaamheid.'
Huishoudelijke mededeling: vergeet niet je naam te vermelden [en wees svp zakelijk: reageer inhoudelijk]. Anonieme bijdragen komen in de bak met spam terecht en verdwijnen. Ik kan ze niet 'redden' (nou ja, alleen met een hoop gedoe en moeite).
Aafje, de bedoeling achter mijn opmerking was zeer algemeen (maar dat had je wel begrepen). Ik plaats Jezus impliciet in een ethische traditie, die van de deugdethiek (maar ik ben daar niet consequent in, want het schadebeginsel past niet zo precies in de deugdethiek). Dat de naam van Capablanca niet in de Bijbel voorkomt is eigenlijk jammer, want hij was een groot schaker.
Deugdethiek is een stroming waarin men door voorbeeld en navolging gevoel ontwikkelt voor wat de passende handeling is in een bepaalde situatie. De deugdethicus richt zich niet op voorschriften en geboden maar op het ontwikkelen van de 'ethische' intuïtie. Nu zijn er filosofen van de religie die Jezus (en Socrates, overigens) zien als een persoon die in die traditie past.
Gelet op de weerstand trouwens die de term 'ethiek' oproept, heeft het er alle schijn van dat mensen een nogal negatieve voorstelling van ethiek hebben. Ethiek houdt in ieder geval niet in dat we 'schoolregels' opstellen waar iedereen zich aan moet houden. De taoïsten zijn bijvoorbeeld ook ethici, die wel degelijk ideeën hebben over de vraag wat een 'goed' leven is. Hun wijsheidsliteratuur zegt je wat de wijzen goed doen en de koningen en machtigen niet. En dat is een onvervalste vorm van ethiek. Ik weet niet wat het probleem hier is, misschien wordt ethiek te sterk geassocieerd met 'moraal' (en dan wel met een kerkelijke moraal).
Een reactie posten