vrijdag 4 september 2026

Het alogon (3.0) [explicatie toegevoegd]

Alogon is een enigszins in onbruik geraakt woord (ouderwets) voor 'het ongerijmde'. 

Het alogon is de verzameling (oneindig groot) van zaken waar het verstand niet bij kan, waar het verstand geen greep op krijgt.

Het is een interessant begrip, omdat het een minder negatieve connotatie heeft dan 'het absurde'. Het alogon is eenvoudigweg de verzameling van alle zaken die buiten het bereik van ons verstand vallen.

Je kunt handig gebruik maken van deze term als je het over zaken als het bewustzijn, brein, verstand, ratio, ziel of geest hebt. Immers, het brein zou een alogon kunnen zijn: het brein produceert rationele theorieën, maar haar 'zijnswijze' hoeft zelf helemaal niet rationeel en verklaarbaar te zijn.

Graag willen mensen dat in het brein een onstoffelijke geest huist. Het verraderlijk is dat de voorstelling van een onstoffelijke geest door het rationele brein zelf is opgesteld. De onstoffelijke geest heeft namelijk alle kenmerken van een normaal, begrijpelijk object: het heeft een bepaalde plaats in tijd en ruimte, het heeft een bepaalde functie en het werkt samen met de logisch geordende wereld (met het logisch geordende lichaam).

De geest heeft de constructie van een logisch object, met dit verschil dat het niet stoffelijk is. Het is een schoenendoos die niet bestaat uit 'spul': een soort denkbeeldige schoenendoos, een echt object dat echter niet tastbaar is. De geest is gewoon het brein, maar dan niet tastbaar: geen neuroloog kan dit 'onstoffelijke brein' scannen. 

Het idee van een onstoffelijke ziel, een onstoffelijke geest, is niets anders dan een beschrijving die voldoet aan de logische opmaak/inrichting van onze geordende, stoffelijke wereld, maar dan ontdaan van haar 'bestendigheid, tastbaarheid'.

Is het in gedachten wegnemen van alles wat tastbaar is voldoende om te spreken van een 'alogon': behoort de onstoffelijke geest tot het alogon? Vermoedelijk niet. De ziel behoort pas werkelijk tot het alogon (de verzameling onbegrijpelijke zaken) als je geen idee hebt hoe de ziel werkt of waar ze is. De ziel behoort tot het alogon als ze het volstrekt onbegrijpelijke is: je kunt de ziel misschien ervaren, maar niet mechanisch of functioneel ontleden.

Vandaar dat het geen probleem is om de mens te beschrijven als een brein: als we redenen hebben om te geloven dat er meer is dan wij kunnen weten -en dat weten we [2]- dan betekent dit dat we niet kunnen achterhalen en onderzoeken wat de aard is van dit 'alogon'. De werkelijkheid is in dat geval eindeloos wonderlijk. Niets is uitgesloten. Het stoffelijke brein, het wonderbaarlijke brein, waar wij mee denken en dat ons aardse bestaan constitueert, is een eiland in een wonderlijk, mysterieus water (een eindeloos grote oceaan: want we beschikken immers niet over het cognitieve gereedschap om er de grenzen van te bepalen). 

Alleen door het brein minutieus te bestuderen en zo goed en zo kwaad als het gaat in kaart te brengen, krijg je een scherper oog voor de indrukwekkende en schier onbevattelijke compositie van de werkelijkheid.

Het kenmerk van het alogon is immers dat het niet te ordenen, niet te categoriseren is- dat het onbepaald is, een toestand waarin het ene ongelijk is aan zichzelf en waarin het andere niet te onderscheiden is van het derde: alles is mogelijk, niets kan er werkelijk worden ontward door ons verstand. In het alogon zijn onze categorieën onbruikbaar en vervallen onze oordeelsvormen. Slordig gezegd: het alogon is dat waar het verstand werkelijk niets mee kan aanvangen.

Je komt het alogon juist op het spoor door de wereld wetenschappelijk te onderzoeken.

Zo kunnen wij achterhalen of wij goede redenen hebben om te geloven dat het alogon -het onbegrijpelijke domein- inderdaad bestaat. Het antwoord is 'ja' (onomwonden, zonder voorbehoud).

Voor ons betekent de erkenning van het alogon dat het hek van de dam is: dan zie je in dat je het onbegrijpelijke niet kunt beperken, niet kunt uitsluiten. De enige rationele houding die een mens, gegeven zijn logische denkwijze, kan aannemen is: ik weet zeker -ik kan bewijzen- dat er meer is dan ik kan weten: dus wéét ik dat ik niets kan uitsluiten.  

Zal ik de dood overleven, zelfs als mijn brein vergaat? Wel, als het alogon bestaat, dan ben je wel en niet je brein. Immers, je kunt deze onbegrijpelijke zienswijze niet uitsluiten: dus is ze -afgaande op onze rationele denkwijze- waar. Uit de 'logica' van het alogon volgt dat het onmogelijk is om je dood niet te overleven. 

Maar hoe werkt dat dan? Op die vraag is geen antwoord. Alle verklaringen waarbij je een beroep doet op 'onstoffelijke radiosignalen', op 'onstoffelijke lichamen', op 'parapsychologische' zaken en denkbeelden, zijn juist te 'redelijk': we kunnen ze zodoende 'falsifiëren'; ons verstand heeft er nog greep op. De poging om onze denkbeelden, die betrekking hebben op het alogon, tóch begrijpelijk te maken en onder te brengen in een stelsel, maakt ze vatbaar voor weerlegging. 

Wel, zo leren we iets over de 'toverkracht' van woorden: als je de tem 'het absurde' vervangt door de term 'het alogon', plaatst dat onze zienswijze in ander licht.
-------
[1] Wie thuis is in de godsdienstwijsbegeerte begrijpt/ziet dat dit de uitwerking is van John Hick's programma: God is een onbegrijpelijk 'wezen' waar we vrijwel niets over kunnen zeggen; we kunnen God, als alogon, wel beschrijven ('een masker opzetten'): we kunnen God zien als een 'persoon' of als een 'kracht'. Bestaat God? Uiteraard, als het alogon bestaat kun je het bestaan van God niet uitsluiten. [Zie: Hick, John, An Interpretation of Religion; ook: Hick, John, Who or what is God). Merk ten slotte op: aangezien het alogon bestaat, bestaat God- en kun je hem een 'masker' opzetten (want God 'benoemen' hoeft niet persé afbreuk te doen aan zijn onbegrijpelijke staat) [=dit is een studie op zich: hoe te spreken over God].

[2] Wie nog steeds niet gelooft dat logisch denken een rationele, evolutionaire beperking is, kan het werk van Penelope Maddy raadplegen. 

[3] Explicatie: aan de bovenstaande bijdrage moet een uitleg worden toegevoegd, want anders is het wellicht een al te exotische vertelling. Terwijl ik meen dat het hier louter en alleen om een strenge, logische ontleding van de zaak gaat. (1) Onze logische denkwijze is de basis van ons wereldbeeld: wij bezien alle zaken 'exclusief' of 'consistent'. Consistentie verwijst naar een algemene formele structuur, als volgt te definiëren: een ding kan niet op twee plaatsen tegelijk zijn, twee dingen kunnen niet op één plaats tegelijk zijn en dingen verplaatsen zich langs één niet onderbroken traject. Deze formele structuur kun je ook toepassen op onze denkbeelden, theorieën en modellen: een denkbeeld is uitsluitend waar als de subject-predikaat structuur exclusief (consistent) is en als de structuur van de samengevoegde zinnen consistent is. (2) Volgens een van onze consistente theorieën (evolutie) hebben wij een exclusieve denkwijze omdat wij ons lichaam willen kunnen verplaatsen (dat was biologisch zeer voordelig). Het is echter duidelijk dat de werkelijkheid niet uitsluitend exclusief van aard is. Om maar wat te noemen: wind, regen, vloeistoffen, gassen, producten in superpositie, zaken die leiden tot sorites-paradoxen, zijn niet exclusief. Wie hier op een exclusieve denkwijze over nadenkt, komt tot de conclusie dat de exclusieve denkwijze niet universeel is. (3) Als de exclusieve denkwijze niet universeel is, dan betekent dit dat alles mogelijk is (dat is een eenvoudige 'optelsom'). Maar als alles mogelijk is, dan kun je de volgende twee beweringen rechtvaardigen: i. 'Als alles waar is, dan betekent dit in ieder geval niet, in exclusieve zin, dat God niet bestaat.' ii. 'Als alles waar is, dan betekent dit in ieder geval niet, in exclusieve zin, dat God wél bestaat.' En wat betekent dit? Wel, dat God bestaat, maar dat we ons in exclusieve zin, geen voorstelling/beschrijving van hem of van zijn bestaanswijze kunnen maken. -Het zij zo: waarom zouden we überhaupt in een God willen geloven die we kunnen betrappen op logische fouten, rekenfouten en op ontwerpfouten? Wie heeft er moeite mee om te geloven dat God, in exclusieve zin, een mysterie is?

Geen opmerkingen: